Terug
Gepubliceerd op 14/12/2021

Besluit  college van burgemeester en schepenen

di 30/11/2021 - 14:00

581.16 - Tijdelijke politieverordening op het wegverkeer: 20211202-20220131 - Beekstraat 11 te 3051 Sint-Joris-Weert - Bijkomende vergunning voor het plaatsen van een stelling

Aanwezig: Bart Clerckx, burgemeester-voorzitter
Hanna Van Steenkiste, Katrien Timmermans, Jos Rutten, Kris Debruyne, Mattias Bouckaert, schepenen
Marijke Pertz, algemeen directeur
Juridische gronden

Onverminderd de bepalingen van :

- Het koninklijk besluit van 1 december 1975, houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer, inzonderheid artikel 78.

- Het ministerieel besluit van 11 oktober 1976, waarbij de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.

- Het ministerieel besluit van 7 mei 1999 betreffende het signaleren van werken en de verkeersbelemmeringen op de openbare weg.

- Het decreet van 16 mei 2008, betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens.

- De algemene omzendbrief nopens de wegsignalisatie.

Feiten en context

Aanvraag voor inname openbaar domein:

Aannemer: JF Bouw - 0477 92 48 02

Locatie: Beekstraat 11, 3051 Sint-Joris-Weert

Periode: 02/12/2021 tot en met 31/01/2022

Reden: Bijkomende vergunning voor het plaatsen van een stelling

Argumentatie

De politiezone Vodi heeft volgend advies gegeven met nummer 2021/BU289bis.

Het college van burgemeester en schepenen wenst te werken met een noodfietspad en voorrangsregeling.

Besluit

Artikel 1: Op voorwaarde dat:

  • De nodige (veiligheids)instanties in kennis worden gesteld van de genomen maatregelen.
  • De adviezen van andere betrokken actoren in rekening werden gebracht.
  • De inname niet conflicteert met andere innames.

Besluit het college van burgemeester en schepenen volgende tijdelijke maatregelen, zoals vermeld in het afgeleverde advies van de politie met nummer 2021/BU289bis, goed te keuren voor de periode van 2 december 2021 tot en met 31 januari 2022:

AARD VAN DE INNAMES:

De politiezone Voer en Dijle geeft een gunstig advies voor het plaatsen van een stelling op volgende voorwaarden:

De nodige veiligheidsmaatregelen dienen getroffen te worden ter bescherming van de voetgangers, evenals alles vrijwaren van stof.

Bij schade en ongevallen veroorzaakt bij het plaatsen van de stelling, aan derden of aan het openbaar domein, wordt de plaatser van de stelling verantwoordelijk gesteld.

De stelling voorzien van een plafond dat tenminste 2,10 m hoog is.

De stelling moet echter niet voorzien zijn van een plafond indien de trottoir voldoende breed is, zodanig dat de voetgangers op een veilige wijze naast de stelling het bestaande trottoir door kunnen en beschikken over een obstakelvrije ruimte van 0.80 m.

De stelling dient bij nacht te worden voorzien van goedwerkende rood-witte lampen of oranje knipperlichten.

Langs beide zijden van de stelling dient een A31 te worden aangebracht.

De stelling moet 0.35m verwijderd staan van de buitenzijde van de boordsteen.

Er mogen geen delen van de stelling over de rijbaan uitsteken tot op een hoogte van 4,50m gemeten vanaf de rijstroken.

 

Het college van burgemeester en schepenen geeft een gunstig advies voor:

Het voetpad aan beide zijden van de stelling afsluiten met een nadar en een noodvoetpad voorzien.

 

NOODVOETPAD (MB 07/05/1999 Art. 4.2.3b)

3° Zijdelingse signalisatie :

a) De zijdelingse afbakening wordt aangebracht door een van de middelen van type II van bijlage 2 bij dit besluit.

Wanneer verkeerskegels worden gebruikt, hebben zij een hoogte van ten minste 0,40 m.

Deze afbakeningsmiddelen zijn ten hoogste 30 m van elkaar verwijderd; zij zijn voorzien van een verlichting met witte of geelachtige lampen.

b) Indien de inplanting van het werk de voetgangers noodzaakt om het trottoir te verlaten en de rijbaan te volgen, wordt een gang aangebracht langsheen het volledige werk van:

ten minste 1,50 m wanneer slechts één van de categorieën van weggebruikers er moet gebruik van maken;

ten minste 2 m wanneer zowel voetgangers, fietsers als bestuurders van tweewielige bromfietsen er samen moeten gebruik van maken. Wanneer in uitzonderlijke omstandigheden de plaatsgesteldheid dit niet toelaat, mag de breedte van de gang teruggebracht worden tot 1 m.

In dit geval wordt :

de afbakening die het verkeer van de voetgangers, de fietsers en de bestuurders van tweewielige bromfietsen scheidt van dat van de andere weggebruikers, aangebracht en verlicht, overeenkomstig de bepalingen van a) hierboven;

de afbakening die het verkeer van de voetgangers, de fietsers en de bestuurders van tweewielige bromfietsen scheidt van het werk zelf, aangebracht over de volledige lengte, hetzij door een voldoende stevige inrichting, hetzij door een beschermnet, en op gepaste manier verlicht.

VOORRANGSREGELING: 

Het college van burgemeester en schepenen geeft een gunstig advies voor volgende voorrangsregelingen:

Ingevolge B19 – B21 vergezeld van verkeersborden A7 in de Beekstraat ter hoogte van huisnummer 11.

PARKEERVERBOD: (Normaal gezien is dit al voorzien in de voorgaande vergunning)

De politiezone Voer en Dijle geeft een gunstig advies voor de onderstaande parkeer- en/of stilstand verboden:

Beekstraat ter hoogte van huisnummer 11 en 13 door middel van verkeersborden E1 of E3 met onderborden van het type X, behoudens vergunninghouder.

Artikel 2: De weggebruikers zullen van deze regeling op de hoogte worden gebracht door middel van de verkeersborden voorgeschreven bij Koninklijk Besluit van 1 december 1975, gewijzigd door het Koninklijk Besluit van 27 april 1976 en volgende inzake het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer. Zij zullen door de aanvrager geplaatst en onderhouden worden zoals bepaald in het Ministerieel Besluit van 7 mei 1999 betreffende het signaleren van werken en verkeersbelemmeringen op de openbare weg. Dit geldt evenzo voor de in dit Ministerieel Besluit vernoemde verlichtingstoestellen.

Artikel 3: De inbreuken op deze verordening zullen worden beteugeld met politiestraffen, voor zover een wet of een algemene- of provinciale verordeningen geen andere straffen voorziet.

Artikel 4: Een afschrift van dit besluit zal worden overgemaakt aan de griffie van de politierechtbank van het kanton en aan deze van de rechtbank van eerste aanleg van het arrondissement.

Artikel 5: Dit besluit wordt van kracht de dag waarop het bekend is gemaakt en het blijft van kracht tot het einde der werken of evenement.

Artikel 6: Een kopij van dit besluit dient gedurende de volledige duur van de werken of het evenement op de locatie aanwezig te zijn.

Artikel 7: Een aanvraag tot verlenging van de politieverordening dient minstens 1 week op voorhand te worden aangevraagd.

Artikel 8: Onderstaande instanties en/of personen dienen op voorhand door de aanvrager te worden verwittigd: de omwonenden.